Logo Stiel
Industrieel Erfgoed in Leiden

STIEL

Silo's: 'kathedralen van het platteland'

SILO’S: ‘KATHEDRALEN VAN HET PLATTELAND’

Kathedralen van het platteland worden ze wel eens genoemd. Het zijn de silo’s van graan- en veevoederbedrijven in ons land. Vooral op het platteland is het silogebouw een ‘landmark’ geworden , niet alleen voor de bedrijfstak maar ook voor de agrarische industrie als geheel. Aan de silo’s, die een aparte plaats innemen in de industriële bouwgeschiedenis in ons land, wijdde Karel Loeff. samen met Annelies Steltman, een onderzoek, dat in deze dagen in druk is verschenen.

In ons land waren het vanaf de middeleeuwen vooral de korenpakhuizen, die als opslag voor graan dienden. Het silogebouw, zoals wij dat kennen, dateert in ons land van het eind van de negentiende eeuw. Ons land was daarmee betrekkelijk laat, hetgeen samenhangt met de kleinschaligheid van de landbouw in die dagen. De eerste silo’s waren bestemd voor overzees graan, dat door middel van overslag vanuit Amerika in ons land werd verhandeld. De oudste silo’s liggen daarom aan het water in de havens van de grote steden.

De meeste silobedrijven waren of zijn afhankelijk van aan- en afvoer via het water. De locatie van een nieuw bedrijf hield echter ook verband met het achterland waar grondstoffen vandaan kwamen. Vandaar dat we ook veel silo’s op het platteland aantreffen. Waar water ontbrak zien we dan spoorlijnen de silocomplexen ontsluiten.

De vormgeving van de silo’s lijkt aanvankelijk veel op die van een traditioneel pakhuis. Gaandeweg ontwikkelde de silo zich tot een geheel eigen gebouwentype. Ze zijn op het platteland makkelijk herkenbaar door de plattegrond die voor bijna alle silo’s identiek is. Naast opslagruimten bevatten de gebouwen een bouwdeel met de elevator en de machines voor de productie, zoals mengen en produceren van meel of veevoer, door middel van zeven of malen of persen en breken. Meestal is het silogebouw omgeven door een omhulsel, hetzij van steen, hetzij van gewapend beton of een combinatie van beide.

Verschillende architectuurstromingen hebben invloed gehad op het exterieur van silogebouwen. Aanvankelijk werden de heersende negentiende eeuwse architectuurstijlen gevolgd. Omstreeks 1911 werden de eerste silo’s van gewapend beton gebouwd, waarbij het functionalisme een stempel drukte op de vormgeving.

Oudste silo’s
De oudste silo’s in Nederland staan in de havens van Amsterdam en Rotterdam en in enkele andere belangrijke steden. Zo werd een van de eerste silo’s in 1885/1886 gebouwd bij de Gist- en Spiritusfabriek in Delft. Een van de belangrijkste negentiende eeuwse silogebouwen is de ‘Korthals Altes’ in Amsterdam, een meer dan honderd meter lang gebouw, waarvan de verschijningsvorm nog veel lijkt op een pakhuis.

In 1910 wordt in Rotterdam aan de Maashaven een graansilo gebouwd die ontworpen is door de architect J.P.Stok en uitgebreid door de architecten Brinkman en Van der Vlugt (Van Nelle-gebouw). Dit silogebouw breekt met de traditionele vormgeving en kan worden vergeleken met vroege silogebouwen in de V.S. Twee andere bijzondere gebouwen uit de beginperiode van de silobouw in ons land zijn het silocomplex De Sleutels in Leiden en het silogebouw de IJzermolen in Deventer. ‘De meelfabriek De Sleutels is het oudst bekende gebouw in ons land van grote afmetingen, dat geheel in gewapend beton is uitgevoerd. Het is het eerste betonnen silogebouw in ons land. De Sleutels heeft meerdere uitbreidingen gekend, maar het oudste gedeelte is ge bouwd in 1884. Dit eerste silogebouw heeft een uiterst sobere gevel, maar is in zijn vormentaal heel decoratief. De verticale geleding in de gevel wordt benadrukt door uitsparingen, die bovenaan eindigen in een halve of hele rondboog. De gevel heeft iets weg van een kerk’, zo wordt vermeld in de studie.

Functieverlies
In zijn voorwoord tot de studie constateert prof. Fons Asselbergs, directeur van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg, dat het functieverlies van silogebouwen de laatste jaren onverminderd doorgaat. Er verdwijnen nog steeds waardevolle silocomplexen zonder dat de mogelijkheden voor herbestemming serieus zijn onderzocht. Binnen de samenleving groeit de waardering voor de ‘kathedralen van het platteland’ echter snel.

Wat te doen met leegstaande silocomplexen? Herbestemming van deze complexen lijkt een vaak kostbaar en moeilijk proces. Silo’s zijn vaak gelegen op strategische plaatsen, geschikt voor lucratieve appartementen of kantoren. Sloop en nieuwbouw kunnen sneller en minder risicovol zijn voor beleggers en ontwikkelaars dan herbestemming, aldus Asselbergs. In Overijssel zijn nu alle silo’s gedocumenteerd. Met de uitvoering van studies voor hergebruik van vijf bestaande Overijsselse silo’s richt zich de blik op de toekomst. Met hopelijk als resultaat dat meer silo’s als onderdeel van het agrarisch industrieel erfgoed een nieuwe bestemming krijgen en bewaard kunnen blijven.

Wibo Burgers

© Stichting Industrieel Erfgoed Leiden